Kwaliteitsnormen en richtlijnen, zoals ISO 8655, ISO 17025, Good Laboratory Practice (GLP) en Good Manufacturing Practice (GMP), vereisen regelmatige kalibratie en/of verificatie van meetinstrumenten met gespecificeerde tussenpozen. Deze bewaking, kalibratie, controle en routinematig testen van instrumenten is bedoeld om metrologische traceerbaarheid te garanderen en bewijs te leveren voor de "geschiktheid voor het doel" van de pipet.
Het Good Pipetting Practice™ (GPP™) programma van METTLER TOLEDO omvat kwaliteitsborgingsmaatregelen voor pipetten en eenvoudige, ongecompliceerde aanbevelingen voor de selectie, installatie, kalibratie en werking ervan. Het biedt een uitgebreide, systematische aanpak voor het maximaliseren van de nauwkeurigheid van en reproduceerbaarheid bij het pipetteren.
Een combinatie van drie complementaire activiteiten zorgt ervoor dat uw pipet elke dag betrouwbare resultaten levert:
- Pipetkalibratie en preventief onderhoud – uitgevoerd door een serviceprovider
- Routinematige tests van de pipet – uitgevoerd door de gebruiker
- Gebruikerstraining voor pipetteren – gegeven door een pipetteerexpert
Routinematige tests (ook wel pipettest, prestatietest of quick test genoemd) bieden de zekerheid dat een pipet tussen de kalibraties door continu nauwkeurige en betrouwbare volumes levert. In vergelijking met kalibratie bieden routinematige testen extra veiligheid omdat het systeem van "gebruiker en pipet" onder dagelijkse laboratoriumomstandigheden wordt gecontroleerd, waardoor het daadwerkelijke pipetteerproces wordt nagebootst. Dit is met name belangrijk voor kritieke toepassingen, omdat de gebruikerstechniek een dominante bron van onzekerheid bij het pipetteren kan zijn.