Download het Pipetteerhandboek — - METTLER TOLEDO
Informatiegids

Download het Pipetteerhandboek —

Informatiegids

de beste kennistool voor pipetteerkampioenen!

Maecenas faucibus mollis interdum. Donec id elit non mi porta gravida at eget metus. Nullam id dolor id nibh ultricies vehicula ut id elit.
Maecenas faucibus mollis interdum. Donec id elit non mi porta gravida at eget metus. Nullam id dolor id nibh ultricies vehicula ut id elit.

Pipetteren is een belangrijke activiteit voor life science-onderzoek. Voor reproduceerbare resultaten hebben wetenschappers nauwkeurige pipetten en hoogwaardige pipetpunten nodig die geen verontreinigingen bevatten.

In ons pipetteerhandboek voor life sciences komt u meer te weten over de selectie en beoordeling van pipetten en pipetpunten voor een betere pipetteerprestatie en betere resultaten. 

Het pipetteerhandboek voor life sciences biedt een overzicht van 360° met een uitgebreide beschrijving van:

  • De beoordeling en selectie van pipetten
  • De selectie van de juiste pipetpunten
  • Pipetteertechnieken

Download het handboek en word een pipetteerkampioen!

Preview van het pipetteerhandboek

1. Voorwoord

Good Pipetting Practice is bedoeld om onderzoekers te helpen bij het selecteren van de juiste instrumenten, correcte en ergonomische pipetteertechnieken, kalibratie en routinegebruik, om de best mogelijke resultaten te verkrijgen. Het pipetteren, of meten en overdragen, van kleine vloeistofvolumes in het microliter- en milliliterbereik is waarschijnlijk de meest frequent uitgevoerde taak in onderzoekslaboratoria. Een snelle en nauwkeurige uitvoering van deze taak is een absolute must voor succesvol laboratoriumwerk. Moderne air displacement pipetten worden gebruikt voor het merendeel van dit soort werk in het lab, omdat ze tal van voordelen bieden. Ze zijn het ideale instrument voor het effectief doseren van kleine vloeistofvolumes. Een hoge productiviteit en de hiermee samenhangende besparing van manuren is mogelijk door gebruik te maken van moderne pipetten en pipetpunten van hoge kwaliteit.

2. Projectplanning, workflow en selectie

Projectplanning en workflow

De meeste nieuwe projecten verlopen beter op basis van een volledig planningsproces, waarbij alle workflowstappen goed zijn uitgewerkt met het oog op een optimale efficiëntie en gegevensproductie. Vanuit het perspectief van de omgang met vloeistoffen is hiervoor kennis nodig over het type startmonster, de vereiste eindpuntanalyse en de monsterdoorvoer. Deze bepalen op hun beurt de beste technieken en de vereiste middelen voor de omgang met vloeistoffen (buisjes, platen, enz.). Tot slot wordt de optimale liquid handling methode voor de workflow gekozen. Bij elke pipetteeractiviteit moeten de pipet, de bijbehorende pipetpunt en de techniek van de laborant als één samenhangend systeem worden gezien om nauwkeurig de benodigde hoeveelheid vloeistof te doseren. Het kiezen van de juiste pipet en pipetpunt en het vervolgens gebruiken van de meest doeltreffende techniek vormen een integraal bestanddeel bij het ontwerpen en implementeren van een project of experiment.

De workflow analyseren

De eerste stap bestaat uit het identificeren van alle fasen van een experimentele workflow - van het afzonderen van het monster tot de uiteindelijke gegevensproductie. Hiertoe behoren ook de voorbereidende stappen ter ondersteuning van de workflow, zoals het prepareren van de buffer of mastermix. Vervolgens moet u bepalen hoeveel variabiliteit aanvaardbaar is voor het experiment om bruikbare gegevens te kunnen genereren. Sommige toepassingen en sommige stappen zijn gevoeliger voor experimentele variabiliteit dan andere. Bijvoorbeeld: een experiment waarbij sprake is van versterking, zoals qPCR, kan zeer gevoelig zijn voor variabiliteit, terwijl de eenvoudige stap voor het voorbereiden van buffers dat wellicht niet is. Een verkeerde keuze van pipet en pipetpunt en een slechte pipetteertechniek veroorzaken vaak experimentele variabiliteit. Experimenten die afhankelijk zijn van een standaardcurve die door de seriële verdunning van standaarden wordt gegenereerd, kunnen nadelig worden beïnvloed door een slechte pipetteertechniek.

De workflow optimaliseren

  • Volumebereik en vereisten voor monsterdoorvoer
  • Vereisten voor monster/reagenscontainer
  • Specifieke vereisten voor monsters/analyses

3. De juiste pipet kiezen

Er zijn vele pipetten beschikbaar om optimale resultaten en een hogere productiviteit te realiseren, waarbij nog andere voordelen worden geboden zoals verbeterde ergonomische eigenschappen en een hogere functionaliteit voor een bepaalde toepassing. Er zijn twee soorten micropipetten: air displacement pipetten en positive displacement pipetten. Beide typen bepalen het vloeistofvolume dat wordt gedoseerd door middel van de diameter van de zuiger en de lengte van de zuigerslag.

Air displacement pipetten

  • Buitengewoon nauwkeurig bij waterige oplossingen
  • Duurzaam

Air displacement pipetten zijn de meest gebruikte pipetteerinstrumenten in het laboratorium. Deze pipetten werken door het uiteinde van de pipetpunt in een vloeibaar monster te steken en vervolgens de plunjerknop los te laten. Er wordt een gedeeltelijk vacuüm gecreëerd als de pipetzuiger naar boven beweegt in de pipetkoker, en het vloeibare monster beweegt in de pipetpunt naar boven om de leegte op te vullen die door het gedeeltelijke vacuüm werd gecreëerd.

Positive displacement pipetten

  • Buitengewoon nauwkeurig bij de meeste oplossingen
  • Aanbevolen voor viskeuze, dichte, vluchtige of corrosieve vloeistoffen

Hoewel ze veel minder gangbaar zijn dan air displacement pipetten, worden positive displacement pipetten toch ook vaak in laboratoriumomgevingen aangetroffen. Bij deze pipetten wordt gebruik gemaakt van een wegwerpzuiger en een capillair systeem om een fysieke leegte van het geselecteerde volume te creëren. De zuiger maakt direct contact met het monster, en als de zuiger naar boven beweegt, wordt het monster in de capillaire ruimte gezogen. Positive displacement pipetten bieden een hoge nauwkeurigheid en precisie bij het pipetteren van waterige oplossingen, maar ze worden aanbevolen voor viskeuze, dichte, vluchtige en corrosieve oplossingen. De wegwerpcapillairen en -zuigers die worden gebruikt bij positive displacement pipetten zijn duurder dan de air displacement wegwerppunten, waardoor air displacement pipetten worden aanbevolen als dezelfde resultaten worden gerealiseerd.

De workflow optimaliseren

  • Volumebereik en vereisten voor monsterdoorvoer
  • Elektronische enkelkanaalspipetten
  • Multichannel pipetten
  • Pipetteersystemen met een hoge doorvoer
  • Speciale pipetten
  • Positive displacement pipetten
  • Repeteerpipetten
  • Pipet controllers
  • Flessendispensers

4. De juiste pipetpunt kiezen: ontwerp, kwaliteit en pasvorm

De pipet en de door de fabrikant aanbevolen pipetpunt wordt bij voorkeur als één systeem beschouwd en niet als twee afzonderlijke componenten. Pipetpunten die worden geadverteerd voor gebruik bij alle pipetten hebben vaak niet de juiste pasvorm of het juiste ontwerp, omdat ze op allerlei verschillende pipetmodellen moeten passen. Bij het kiezen van pipetpunten dient u rekening te houden met onder meer het ontwerp, de kwaliteit en de pasvorm.

Pipetpuntontwerp

De meest geavanceerde pipetpunten zijn uitgevoerd met een dunne wand en een fijne punt of met een kleine opening in de pipetpunt. Bij het pipetteren van kleine volumes van minder dan 20 µl verhogen FinePoint™-pipetpunten van RAININ de nauwkeurigheid en precisie vergeleken met standaard pipetpunten die een dikke wand of een schuin uiteinde hebben. FinePoint-pipetpunten zijn flexibeler dan de meeste andere standaardpipetpunten en het vloeibare monster kan onder elke hoek van de pipetpunt volledig uitstromen. Dit betekent dat er minder monster in de pipetpunt achterblijft vergeleken met punten met een dikkere wand of een schuin uiteinde. Verschillen in het ontwerp van de pipetpunt beïnvloeden de prestaties, de nauwkeurigheid en de precisie. Wanneer pipetten echter correct worden gebruikt, zijn hun prestaties, nauwkeurigheid en precisie gegarandeerd, op voorwaarde dat de pipetpunten worden gebruikt die worden aanbevolen door de fabrikant.

Pipetpuntkwaliteit

Ernstige kwaliteitsdefecten treden op bij de opening, waar het monster wordt opgezogen en afgegeven. Afbeelding 13 toont vier pipetpunt-uiteinden in een vergrote weergave.

Bramen zijn resten kunststof die aan de binnenzijde van de pipetpunt of rondom de opening achterblijven nadat de pipetpunt de gietvorm heeft verlaten.

Gietvormdefecten en coaxiale defecten resulteren in het onjuist afvuren van de vormkernpennen nadat de kunststof is geïnjecteerd. Al deze defecten leiden tot monsterverlies tijdens het pipetteren. Een kwalitatief hoogstaand productieproces zorgt ervoor dat het aantal pipetpuntdefecten en de hieruit voortvloeiende fouten tot een minimum worden beperkt.

Afdichting pipetpunt

  • LTS™ LiteTouch™-pipetpuntafwerpsysteem
  • Pipetpuntselectie
  • Speciale pipetpunten voor speciale toepassingen

5. Pipetteertechnieken

De juiste beoordeling van de toepassing en de daaruit volgende instrumentselectie heeft grote gevolgen voor de onderzoeksresultaten. Dit zijn echter niet de enige factoren waarmee onderzoekers rekening moeten houden om optimale onderzoeksresultaten te behalen. Andere invloeden, zoals de juiste pipetteertechniek en de omgevingsfactoren hebben ook gevolgen voor de resultaten. Nauwkeurigheid en precisie zijn cruciaal bij wetenschappelijk onderzoek en de volgende pagina's bieden een kort overzicht van de verschillende pipetteertechnieken. Wist u bijvoorbeeld dat als u deze technieken volgt, de nauwkeurigheid en precisie met wel 5% kan worden verbeterd?

Optimaal volumebereik

Het normale bedrijfsbereik voor de meeste pipetten bedraagt 10 - 100% van het nominale volume. Hoewel dit als het bedrijfsbereik wordt beschouwd, zullen de prestatiespecificaties veranderen bij een lager volume. De nauwkeurigheidsspecificaties voor een 100 microliterpipet zijn +/- 0,8% van 50 - 100% van nominaal. Als u de pipet echter op 10 µl (of 10% van nominaal) instelt, wordt de specificatie voor de mogelijk onnauwkeurigheid ruim driemaal groter, oftewel 2,5 tot 3%. Daarom is het optimale volume voor de hoogste nauwkeurigheid en precisie meestal 35 - 100% van nominaal. Stel het volume van de pipet bij voorkeur niet in op minder dan 10% van het maximale volume, en selecteer bij kleinere volumes liever een pipet met een kleiner volume.

Onderdompelingsdiepte van de pipetpunt

De juiste onderdompelingsdiepte van de pipetpunt kan de nauwkeurigheid tot 5% verbeteren. De pipetpunt moet bij microvolumepipetten tussen 1-2 mm worden ondergedompeld en maximaal 6-10 mm bij pipetten met een groot volume. Als de pipetpunt te ver wordt ondergedompeld, wordt het gasvolume in de pipetpunt samengedrukt, waardoor te veel vloeistof wordt opgezogen. Ook vloeistof die achterblijft op het oppervlak van de pipetpunt kan de resultaten vertroebelen. Als de pipetpunt niet ver genoeg wordt ondergedompeld, kan er lucht naar binnen worden gezogen, wat tot luchtbellen en onnauwkeurige volumes leidt. Beide verkeerde technieken veroorzaken onnauwkeurige volumes.

  • Aanzuigen onder de juiste hoek
  • Consistentie handhaven
  • Monsters consistent doseren
  • Pipetpunten voorspoelen
  • Temperatuurvariaties vermijden
  • Consistente micrometer instellingen
Thank you for visiting www.mt.com. We have tried to optimize your experience while on the site, but we noticed that you are using an older version of a web browser. We would like to let you know that some features on the site may not be available or may not work as nicely as they would on a newer browser version. If you would like to take full advantage of the site, please update your web browser to help improve your experience while browsing www.mt.com.